https://www.ezsinging.nl/wp-content/uploads/2016/01/interessante-artikelen.jpg

De 5 meest onverwachte valkuilen voor zangleerlingen

Deze zag je niet aankomen…

image

1. Je had een andere route en sneller resultaat verwacht.
Je kunt vaak niet in één keer het resultaat behalen wat je nodig hebt. Je zult vaak eerst je lied lager, hoger, harder of sowieso ànders moeten oefenen dan je dacht. Het zal een hele tijd niet klinken zoals je eigenlijk in gedachten had. Velen haken hier af. Omdat de boodschap van nog even doorgaan met oefenen niet leuk is. Het gaat niet snel genoeg. Je hebt geen puf en tijd voor oefeningen die niet leuk zijn, niet leuk klinken, maar wel nuttig zijn.
Dat mag. Maar als je volhoudt, dan kan het sneller gepiept zijn dan je denkt. Dan maar even hard. Lelijk. Vals. Zonder de tekst zingen. Alleen dat ene stukje. Het werkt! Accepteer de route, heb geduld en vertrouw op het proces.

2. Je zingt te zacht (en je hebt het niet eens door)
Je denkt vast dat je al staat te schreeuwen wanneer je een beetje extra volume geeft. Toch zingen 9 op de 10 niet-professionele zangers en zangeressen te zacht. Te zacht voor wat?
Te zacht om uit te drukken wat je wilt overbrengen.
Te zacht om boven de band uit te komen, zelfs met microfoon.
En vooral: te zacht om je volle potentieel te benutten.
We zijn bij The Vocal Couch zo gek op (tijdelijk) heel luid zingen, omdat het een supersnelle en leerzame manier is om ademsteun, twang en lef op z’n plek te krijgen. Je lichaam snapt dit! Meer volume = gratis meer energie in de ademsteun. We maken op die manier gebruik van hoe je oren en je lichaam samenwerken. Want, om eerlijk te zijn, zijn onze oren meestal best een beetje dom. Ze denken rechtlijnig:
“Meer volume? O ok, meer weerstand”
“Weinig volume? Sure, weinig weerstand”
Maar, lieve oren, zo werkt het niet… het onder controle houden van een laag/medium volume is misschien nog wel lastiger dan het beheersen van veel volume! Je wilt dat je je ademsteun zelf kunt bedienen. En dat deze taak niet wordt beheerst door je oren. Klinkt makkelijk, maar het in de vingers krijgen van ademsteun is een proces van de lange adem (letterlijk :). Daarom werken we vaak eerst aan bewustwording van de ademsteun op de manier waarop het gratis en voor niets goed gaat… Met volume dus! Zodra je daar aan gewend bent en het meer in je spiergeheugen zit, kun je makkelijker de ademsteunknop bedienen, ongeacht het volume!

3. Je staat niet in connectie met je lichaam
Zingen is een heel fysiek proces. In een ideale wereld ben je één qua lichaam en geest. Ooit was je dat, als kind. Baby’s kunnen tenslotte krijsen als de beste. Zij kunnen enorm veel verschillende, heftige geluiden produceren en dat gaat allemaal vanzelf. Het lichaam snapt wat er nodig is voor een bepaalde klank. Gaandeweg verliezen we deze vanzelfsprekendheid vaak. We weten domweg niet dat we voor alles wat we moeilijk vinden om te zingen, of het nou hard, zacht, hoog of laag is, een bepaalde fysieke moeite moeten doen. Op de juiste plek, en nergens anders. Dit kun je weer aanleren, maar het gaat sneller als  je je thuis voelt in je lichaam. Het leren van ademsteun bijvoorbeeld gaat via de buik- en rugspieren. Vaak kunnen we deze spieren niet eens op commando laten bewegen zoals we willen. We lijken wel kleuters die voor het eerst iets proberen te tekenen. Het gaat alle kanten op! Dit komt doordat we vaak nog nooit eerder bewust bezig zijn geweest met onze buik. Je handen, die krijgen je hele leven al aandacht. Daarom kunnen ze zo veel. Tijd voor je hele lichaam om net zo veel aandacht te krijgen!

4. Je oefent niet; je zingt alleen maar
Een lied telkens van A tot Z doorzingen is meestal geen oefenen. Je bent misschien niet tevreden, maar nu? Nog maar een keer? Misschien focus je wel op het refrein met die moeilijke uithalen? Maar heeft wat je doet wel echt zin?
We willen vaak te snel een LIED kunnen zingen. Terwijl je je beter kunt focussen op één stukje.
Misschien niet eens een heel refrein.
Misschien niet eens een hele zin.
Misschien niet eens een heel woord.
Nee, je hebt meestal meer aan gericht oefenen op één klinker. De klinker zonder medeklinkers er omheen. Wanneer je een bepaalde hoogte/kleur/volume niet beheerst, heb je er meer aan om een aantal weken je aandacht te richten op die ene klinker, en met geduld steeds hoger of lager te komen. Dan komt de nieuwe vaardigheid in je spiergeheugen, en zul je deze klank zonder nadenken als een puzzelstukje overal kunnen gebruiken. En niet alleen in dat ene nummer, maar in alle nummers waar deze klank voorkomt.
Klinkt saai? Het goede nieuws is dat een paar minuten per dag al enorm veel winst oplevert.

5. Je bent meer bezig met vluchten of vechten dan met zingen
Moeilijke passage, hoge noot… Je ziet er tegenop…. en hij mislukt inderdaad.
Je hebt de moeilijkheid óf ontweken en hem bijvoorbeeld te zacht gezongen, of je hebt je er als een gek op gestort. Beide methodes zijn grote valkuilen. Als je moeilijke dingen ontwijkt (“flight”), pak je het probleem nooit aan en zul je het stukje elke keer meer vrezen. Als je wel doorzet, maar er bloednerveus van wordt (“fight”), zul je ook niet slagen. Dan span je tenslotte onwillekeurig allemaal spieren aan, en hoogstwaarschijnlijk niet de spieren die je zullen helpen.
Je gelooft gewoonweg niet dat het goed kan gaan, en dat is precies waardoor het ook mis gaat.
Lekker zingen is geen gevecht. Pak het probleem aan, los het op, en pas dan zing je met vertrouwen.

image

Bovenstaande valkuilen houden zoals je ziet sterk verband met elkaar. Je kunt de beste docent hebben, werken met de fijnste methode en supermooie liedjes uitgekozen hebben; als je niet accepteert dàt je moet oefenen, en als je niet weet hóe je moet oefenen en waar je daarbij op moet letten, wordt het een veel minder leuk en minder succesvol proces.

Een ‘goede zangstem’ is geen kwestie van geluk, maar vooral een kwestie van training. Gaat iets niet vanzelf, dan bestaat er een oplossing. Bij The Vocal Couch zijn we gek op de oplossingen die Complete Vocal Technique (CVT) biedt: duidelijke aanwijzingen, ruimte voor je eigen wensen en aandacht voor de mentale struikelblokken. CVT gaat uit van wat er wél kan; lukt iets niet, dan doe je het gewoon nog niet goed.

Bron: www.thevocalcouch.nl van Frouke van Es, docent CVT

 

Leuk als je een bericht achterlaat

* Je email is niet zichtbaar